We leven al tien jaar in een hoogconjunctuur. Bedrijven die in deze periode zijn ontstaan, hebben een flinke economische meewind gehad en zijn geen tegenwind gewend. Ik heb in de afgelopen tijd gesproken met en aantal jonge bedrijven in deze categorie.

Sommige van deze bedrijven zitten in de startup-fase, hebben een diep vertrouwen in hun product en in de toekomst van hun bedrijf. Andere zijn al wat verder, staan er goed voor, maar realiseren zich dat er meer nodig is om een bedrijf te zijn dat toekomstbestendig is.

Het is logisch dat jonge bedrijven zich baseren op geloof en vertrouwen. Ze kunnen zich risico’s veroorloven, omdat er nog weinig verplichtingen zijn naar klanten, financiers en medewerkers. Naarmate het bedrijf volwassener wordt, verandert dit. Continuïteit en voorspelbaarheid worden belangrijker, evenals bestendigheid tegen tegenvallende omstandigheden. Maar natuurlijk wel wendbaar blijven, om kansen te kunnen pakken. Hoe doe je dat?

Ik denk dat dit vraagt om een doordachte strategie: op welke activiteiten moet het bedrijf zich richten, wat zijn de risico’s en kansen? Hoe moeten we het bedrijf structureren, welke bedrijfsprocessen moeten we inrichten? Er is waarschlijnlijk geen pasklare oplossing.

Opmerkelijk is dat grote bedrijven, zoals Philips en Bosch, juist op zoek zijn naar een startup-cultuur. Zij zijn misschien wat doorgeschoten in continuïteit en voorspelbaarheid, maar hebben daarmee wel de nodige crises doorstaan. Zij zijn juist op zoek naar nieuwe kansen die een startup-cultuur kan ontsluiten.

Bestaat er een gulden middenweg? Reacties zijn welkom!

Geef een reactie